Aderlating – D.A.P. Alkmaar Noord – ALKMAAR
Header afbeelding

Adresgegevens

Vogelweg 81
1826 HJ ALKMAAR

Tel: 072 5613897

Openingstijden

Maandag 08.30-18.30
Dinsdag 08.30-18.30
Woensdag 08.30-18.30
Donderdag 08.30-18.30
Vrijdag 08.30-18.30
Zaterdag 10.00-11.30
Zondag Gesloten

Uitsluitend op afspraak!

Aderlating

Aderlating bij de dierenarts?!

Leest u dit nu goed? Aderlating bij de dierenarts? Dan zeker wel een financiële aderlating hoor ik u denken… Maar nee, een èchte aderlating! Toen ik (Claudia) werd gevraagd om een stukje voor het donateursblad van Stichting Zwerfdier te schrijven bedacht ik wat de lezer nu zou interesseren. De meeste mensen kunnen zich het dagelijkse werk van een dierenarts wel voorstellen. Spreekuur doen en opereren; sterilisaties, castraties, inentingen, gebroken pootjes, diarree en snotneuzen. Maar dat het werk van een dierenarts veel met puzzelen te maken heeft, dat weet vast niet iedereen. “Breinbrekers” en “logigrammen”, daar draait het vaak allemaal om. Om tot een goede diagnose te komen worden soms heel wat testjes gedaan en gaat er veel hersengymnastiek van de dierenarts aan vooraf. En zo ook bij deze patiënt: poes Rooie.

Tijdens een weekenddienst belde mij een eigenaar met de mededeling dat zijn kat lag te “rollebollen van de pijn”. Ik hoorde de kat op de achtergrond klagelijk miauwen. Ik besloot dan ook de eigenaar direct met de kat naar de praktijk te laten komen. Bij aankomst kwam mij een vriendelijk spinnende rode poes vanuit het transportkooitje begroeten. Ik deed een algemeen lichamelijk onderzoek bij Rooie en kon in eerste instantie geen bijzonderheden vinden totdat ik het bekje opende: de slijmvliezen zagen knalrood! Toch gaf de poes nergens pijn aan. Terwijl ik de eigenaren diverse vragen stelde begon Rooie plotseling te krijsen, enorm te kwijlen, ze kreeg een dikke staart en alle spieren trilden over haar hele lijfje. Nu begreep ik wat de eigenaar bedoelde met “rollebollen van de pijn”. De kat had echter geen pijn, maar een epilepsieaanval! Na ongeveer 1 minuut was de aanval gelukkig weer voorbij. Rooie was nog maar 5 jaar, altijd in prima conditie geweest en nooit ziek.

Ik besloot bloed af te nemen om op zoek te gaan naar een oorzaak. Nadat het bloed gecentrifugeerd was wist ik niet wat ik zag. Normaal gesproken is het percentage rode bloedcellen van een gezonde kat ongeveer 40-55%. Bij Rooie was dit ruim 85%! In eerste instantie dacht ik dan ook dat de kat fors uitgedroogd moest zijn. Maar Rooie at en dronk goed, gedroeg zich niet ziek en had geen uitwendige verschijnselen van een uitgedroogde kat zoals droge slijmvliezen en een huid die plakkerig overeind blijft staan als je hem omhoog trekt.

En dus moest er iets anders aan de hand zijn: Rooie had teveel rode bloedcellen. Het bloed wordt dan dik en stroperig, zodat het minder gemakkelijk door de kleine bloedvaten kan stromen. Bij mensen is bekend dat dit vermoeidheid, lusteloosheid, migraineachtige vaak ernstige hoofdpijn en oorsuizen kan veroorzaken. Een patiënt voelt zich mat, suf, loom, traag, slap en futloos.

Ik besloot Rooie op te nemen in de praktijk en infuus toe te dienen, zodat het bloed wat zou verdunnen. Ook gaf ik Rooie een lichte dosis valium om de epilepsieaanvallen wat te onderdrukken. Vervolgens begon ik een grootscheepse zoekactie in de literatuur om een oorzaak te kunnen achterhalen, aangezien ik verder in het bloed geen enkele afwijking kon vinden. Bovendien had ik nog nooit een dergelijke patiënt gezien. Ik vond een hele lijst met mogelijke oorzaken, die niet erg hoopvol klonken, variërend van beenmergtumor tot niertumor en allerlei bijzondere hartkwalen.

In overleg met de eigenaren besloot ik alle mogelijk oorzaken te achterhalen voor zover mogelijk in onze praktijk. Als er niets gevonden kon worden wilden de eigenaren niet doorgestuurd worden naar een internist. Ik deed in de daaropvolgende week dus verder uitgebreid bloedonderzoek en maakte een echo van de buik, maar vond geen oorzaak. Ook overlegde ik met een internist. Zonder gevonden oorzaak kon ik alleen de symptomen bestrijden. En dit betekende dus dat Rooie rode bloedcellen moest kwijtraken. Inderdaad, een aderlating dus, hoe barbaars…

Vroeger was een aderlating bij mensen niet ongebruikelijk. In de klassieke oudheid dacht men dat het lichaam vier vloeistoffen bevat: bloed, slijm, gele en zwarte gal. Bij ziekte zou volgens Griekse artsen het evenwicht tussen die vloeistoffen verstoord zijn. Aderlaten zorgde voor wegstroming van het “teveel” aan bloed, waardoor het evenwicht werd hersteld.

Heel wat mensen zijn door veelvuldig aderlaten eerder overleden dan anders het geval was geweest, vooral door infecties door het gebruik van niet-steriele instrumenten bij het aderlaten. Het aderlaten werd tot in de negentiende eeuw toegepast. Hiervoor bestonden verschillende methoden, zoals de “kopsnepper”. In het ronde doosje zit een springveer waar een mesje aan vastzit. Bij bediening schiet de springveer met het mesje naar buiten en snijdt een wond in de huid van de patiënt.

Bij Rooie namen we wat professioneler en vooral steriel bloed af. En wel 10 tot 20 ml bloed per kilogram lichaamsgewicht. Met een roesje namen we van Rooie dus bijna 50 ml bloed af. Een half bakje vol! Het was ook duidelijk te zien dat het bloed erg stroperig was. Vervolgens werd eenzelfde hoeveelheid infuus toegediend. Na behandeling was het percentage rode bloedcellen minder dan 55%. Ik gaf Rooie nog wat extra infuus onder de huid. ’s Middags mocht Rooie weer naar huis. Na 2 weken zou ze terug komen voor controle.

Na enkele dagen belde ik de eigenaren op omdat ik erg benieuwd was of er nu verschil aan de kat te merken was. De eigenaren vertelden dat Rooie sinds zeker een jaar niet meer zo levendig was geweest als de afgelopen dagen. Ze was veel actiever en speelde nu ook weer met de andere kat. Zeer waarschijnlijk heeft ze dus wel last gehad van het hoge aantal rode bloedcellen. Inmiddels is ons hele team op de hoogte van deze bijzondere kat.

Vandaag is Rooie op controle geweest. Het aantal rode bloedcellen is helaas weer aan het stijgen, het was vandaag bijna 72%. Wanneer het aantal rode bloedcellen verder stijgt zal er opnieuw een aderlating moeten plaatsvinden om verder klachten en eventuele epileptische aanvallen te voorkomen. Er bestaat nog altijd de mogelijkheid om Rooie door te sturen naar een internist, die misschien wel de oorzaak kan achterhalen en deze moeilijke puzzel kan oplossen. Maar dat wordt dan waarschijnlijk voor de eigenaren een financiële aderlating….